KRABBELS

Ik heb een boekje waarin ik krabbels schrijf als ik een idee heb. Dan leg ik het weg en denk er niet meer aan totdat ik het later weer tegenkom, maar ik moet zeggen dat ik de meeste niet meer kan herinneren.

Hier volgen enkele krabbels:

1: ”Hij voelde zich als een vogel met hoogtevrees.”

Het is wel een aardig zinnetje, het wil zeggen dat de desbetreffende man zich erg in zijn vrijheid beknot voelde. Voor een mens is dat hetzelfde als twee benen hebben maar niet durven lopen. Het had volgens mij een openingszin van een verhaal moeten worden maar ik heb geen idee over hoe of wat.

2: ”Ik droomde dat ik in een concertzaal zat. Het orkest begon te spelen maar produceerde geen geluid, zodat ik – die achter in de zaal zat – een symfonie begon te fluiten. Het klonk wonderschoon moet ik zeggen. Het publiek draaide zich massaal om en applaudisseerde luid. Tevreden nam ik de ovatie in ontvangst.”

Het was een droom die ik beschreef, maar had het nooit uitgewerkt. Ik zou ook nu niet weten wat ik er mee moet. Wel had het iets met aandacht te maken, dat is duidelijk maar ook met plaatsvervangende schaamte. Ik geneerde me dood voor het orkest dat volkomen incompetent was maar ik wilde de situatie redden. Bovendien wilde ik het publiek niet teleurstellen dat diep in de buidel had getast voor een kaartje.

3; ”Ik keek voor het eerst in Nanda’s ogen en langzaam bracht ik mijn lippen naar de hare die zij op haar beurt opende. God wat is ze mooi, dacht ik maar toen ging de deurbel. ‘Joehoe”, klonk het door de brievenbus, ”ik ben het, tante Geertruida.” ”Wat leuk dat u gekomen bent tante,” riep Nanda en spoedde zich naar de deur, mij achterlatend met getuite lippen. In een seconde flitste er van alles door me heen. Ik kende tante Geertruida niet maar haatte haar onmiddellijk tot in het diepst van mijn ziel. Ik zette twee elektrische stoelen klaar voor als er één zou weigeren en als die tweede het ook niet deed zou ik haar ophangen. Tante kwam binnen en ik gaf haar een iets te harde hand. ”Wat leuk u te ontmoeten,” zei ik met een grijns die Patty Brard niet zou misstaan. Gezellig keuvelde we even later met zijn drieën over van alles en niets. Ik gedroeg me als een echte gentleman want ik wilde Nanda’s liefde niet verspelen.”

Hier had ik een roman willen schrijven maar zag er later toch vanaf.

Korte verhalen dat lukt me aardig maar als ik een boek zou moeten schrijven zou ik al snel verward raken in de vele personages en intriges zodat ik mijn eigen plot om zeep zou helpen. Ik zou alles door elkaar halen en elke keer terug moeten kijken hoe het ook alweer zat. Mocht ik die roman toch geschreven hebben dan zou het later op de rommelmarkt terug te vinden zijn, afgekraakt tot op het bot. Mijn oude tante zou het kopen en het op mijn verjaardag cadeau geven. ”Wist je dat je een roman hebt geschreven?” zou ze zeggen.

4. ”Hij had een blik kippensoep gekocht bij de Super. Goed gevulde kippensoep stond erop. Toen hij thuis gekomen het blik opende dreven er slechts twee vliedertjes kip in. Het moet van een kip zijn geweest die tienduizend vlieguren had gemaakt. Hij verwarmde de soep, en tijdens het roeren viel hem ook nog op hoe weinig vermicelli erin zat. Het geheel smaakte naar de geur van een plas die men vergeten heeft door te trekken.”

Dit kan ik me nog herinneren. Ik vond het beschamend dat het gerenommeerde merk dat begint met een U en eindigt met een X, er ”Goed gevuld”  op durft te zetten. Ik wilde er een pittig stukje aan wijden maar heb het om onverklaarbare redenen niet gedaan. Nu neemt u er kennis van, maar in een verkorte versie.

Dit waren enkele krabbels, als ik er weer een paar heb laat ik het weten.

Advertenties

VERPAKKINGSBELASTING

Zo, het kabinet is er, het groenste kabinet ooit, zo wordt beweerd. Jaren geleden hadden we ook een kabinet dat iets aan het milieu deed maar men kwam geld tekort dus verzon men er een belasting bij. Dit had enige voeten in de aarde of liever gezegd handen. Vraag maar aan mevr. Cramer.

”Verzin een list”, had Wouter tegen Jacqueline gezegd, ”Er is veel geld nodig om de uit de hand gelopen bouwprojecten en nutteloze subsidies te kunnen blijven bekostigen. Het milieu is hot dus hebben we de wind in de zeilen.” 

En zo gebeurde het dat mevr. Cramer de verpakkingsbelasting bedacht toen ze een digitale timer voor haar koffiezetapparaat had gekocht. Ze kocht hem bij de firma B, de prijs was een Lokker dus de lezer weet genoeg. Mevr. Cramer vind het prettig om gewekt te worden als de koffie doorgelopen is dus is een timer een handig apparaat. Om het milieu te sparen en het goede voorbeeld te geven ging ze op haar skeelers naar het dichtstbijzijnde filiaal om daar het vernuftige apparaat te kopen. ”Oma Cramer, oma Cramer,”riepen een paar jongetjes haar pesterig na, maar met de vastberaden blijheid die haar zo kenmerkt skeelerde ze dapper door alsof ze het niet gehoord had. Toen ze na haar aankoop thuiskwam haalde ze het apparaat uit het zakje. Ze deed dit met een triomfantelijke gelaatsuitdrukking. ‘Dat ik dit op mijn leeftijd nog mee mag maken, een digitale timer’, zag je haar denken.

Maar er zat een verpakking omheen waar hij uit moest.

Ze probeerde met haar smalle vingers de twee helften van elkaar te krijgen, vier piefjes zaten vastgedrukt in gaatjes. Ze probeerde het eerst rustig en met beleid maar de piefjes zaten zó straks in de gaatjes dat het op een rustige manier niet lukte. Haar handen begonnen door de kracht die ze moest zetten te trillen, eerst een beetje maar dan steeds heviger. De triomfantelijke gelaatsuitdrukking had plaatsgemaakt voor een verbeten grimas. 

Op de normale manier lukte het niet dus zette ze haar nagels tussen het kiertje van de twee helften. Haar handen trilde nu hevig en onder een luide kreet scheurde twee nagels tot op het lever af. ”DIE SMERIGE VAGINA VERPAKKING!” gilde ze, het schuttingwoord vermijdend want ook in haar opperste lijden was ze een dienaar van de kroon. Ze liep met grote passen stampvoetend naar de keuken met de nog ongeopende verpakking. Daar trok ze uit de keukenla een schaar en trachtte deze in het harde plastic te planten. De schaar gleed weg en schoot bijna in haar hand maar de tweede keer lukte het en de verpakking barstte open. Met haar hevig trillende handen smeet ze de schaar op het aanrecht. De verpakking was open en de timer binnen handbereik. Maar zo snel gaf de verpakking zich niet gewonnen want voor ze het apparaat te pakken kreeg gaf het harde gebarsten plastic een diepe jaap in haar rechterhand.

Mevr. Cramer gaf een gil en zeeg neer op de keukenvloer om daar met lange uithalen bittere tranen te wenen.

De volgende dag werd de minister wakker en de koffie was dankzij de timer doorgelopen. Omdat ze minister van milieu was werd ze opgehaald met een riksja. In de tweede kamer aangekomen liep ze met haar hand in verband direct naar het spreekgestoelte, ”Ik wil onmiddellijk het woord,” sprak ze kordaat en stak haar verbonden hand in de lucht, ”Dit is mijn lievelingshand, die kan ik voorlopig niet meer gebruiken.” ”Wilt u het kort houden?” beet kamervoorzitter Verbeet haar toe want die had geen zin in de persoonlijke ontboezemingen van de minister. Ze liet haar hand zakken en sprak met ingehouden emotie: ” Ik wil een verpakkingsbelasting,” en toen luider met hevig trillende stem:”EN WEL ZO SPOEDIG MOGELIJK!”