PROFIELFOTO

Als ik de wachtkamer van de tandarts binnenkom val ik middenin een gesprek tussen twee vrouwen.

Vr 1 ”Het keer op keer veranderen van je profielfoto, dat heb jij toch niet nodig?

Vr 2 ”Als ik mijn profielfoto verander krijg ik reacties. Heb laatst een leuk belevenisje geschreven maar geen hond die reageerde.”

Vr 1 ”Ja, je wil toch dat mensen reageren op een prestatie.”

Vr 2 ”Ach, het gaat me eigenlijk meer om de reacties, die vind ik gewoon leuk.”

Vr 1 ”Nou, ik niet, heb ooit mijn profielfoto veranderd en werd gek van de reacties die allemaal hetzelfde waren.

”Mooie foto!!!”

”Prachtig!

”Je mag er wezen meis!

”Schit-te-rend!”

”Leuke foto van een mooie vrouw!”

”Mooie vrouw, leuke foto!!”

”Nog geen spat veranderd!”

”Prachtige foto!

”Een fijne dag!!!”

Vooral de laatste vond ik van een stuitende desinteresse getuigen maar het kan ook ironie geweest zijn. En dan die uitroeptekens om de reacties kracht bij te zetten. Ik doe dat ook weleens maar sommigen plaatsen er drie. Na die ene keer heb ik mijn profielfoto niet meer veranderd. En waarom zou ik ook. Vriendin Jenny had ook genoeg van die nietszeggendheid en heeft ipv haar profielfoto de volgende tekst geplaatst: ”Als u niks te melden hebt, doe dan dan niet hier.” Enkele vrienden verwijderden zich, degene die echt iets te melden hadden bleven over.”

Vr 2 ”Ach, weet je, ik heb niet zoveel te melden maar vind reacties krijgen gewoon leuk, maar dat heb ik geloof ik al gezegd.”

Advertenties

KRABBELS

Ik heb een boekje waarin ik krabbels schrijf als ik een idee heb. Dan leg ik het weg en denk er niet meer aan totdat ik het later weer tegenkom, maar ik moet zeggen dat ik de meeste niet meer kan herinneren.

Hier volgen enkele krabbels:

1: ”Hij voelde zich als een vogel met hoogtevrees.”

Het is wel een aardig zinnetje, het wil zeggen dat de desbetreffende man zich erg in zijn vrijheid beknot voelde. Voor een mens is dat hetzelfde als twee benen hebben maar niet durven lopen. Het had volgens mij een openingszin van een verhaal moeten worden maar ik heb geen idee over hoe of wat.

2: ”Ik droomde dat ik in een concertzaal zat. Het orkest begon te spelen maar produceerde geen geluid, zodat ik – die achter in de zaal zat – een symfonie begon te fluiten. Het klonk wonderschoon moet ik zeggen. Het publiek draaide zich massaal om en applaudisseerde luid. Tevreden nam ik de ovatie in ontvangst.”

Het was een droom die ik beschreef, maar had het nooit uitgewerkt. Ik zou ook nu niet weten wat ik er mee moet. Wel had het iets met aandacht te maken, dat is duidelijk maar ook met plaatsvervangende schaamte. Ik geneerde me dood voor het orkest dat volkomen incompetent was maar ik wilde de situatie redden. Bovendien wilde ik het publiek niet teleurstellen dat diep in de buidel had getast voor een kaartje.

3; ”Ik keek voor het eerst in Nanda’s ogen en langzaam bracht ik mijn lippen naar de hare die zij op haar beurt opende. God wat is ze mooi, dacht ik maar toen ging de deurbel. ‘Joehoe”, klonk het door de brievenbus, ”ik ben het, tante Geertruida.” ”Wat leuk dat u gekomen bent tante,” riep Nanda en spoedde zich naar de deur, mij achterlatend met getuite lippen. In een seconde flitste er van alles door me heen. Ik kende tante Geertruida niet maar haatte haar onmiddellijk tot in het diepst van mijn ziel. Ik zette twee elektrische stoelen klaar voor als er één zou weigeren en als die tweede het ook niet deed zou ik haar ophangen. Tante kwam binnen en ik gaf haar een iets te harde hand. ”Wat leuk u te ontmoeten,” zei ik met een grijns die Patty Brard niet zou misstaan. Gezellig keuvelde we even later met zijn drieën over van alles en niets. Ik gedroeg me als een echte gentleman want ik wilde Nanda’s liefde niet verspelen.”

Hier had ik een roman willen schrijven maar zag er later toch vanaf.

Korte verhalen dat lukt me aardig maar als ik een boek zou moeten schrijven zou ik al snel verward raken in de vele personages en intriges zodat ik mijn eigen plot om zeep zou helpen. Ik zou alles door elkaar halen en elke keer terug moeten kijken hoe het ook alweer zat. Mocht ik die roman toch geschreven hebben dan zou het later op de rommelmarkt terug te vinden zijn, afgekraakt tot op het bot. Mijn oude tante zou het kopen en het op mijn verjaardag cadeau geven. ”Wist je dat je een roman hebt geschreven?” zou ze zeggen.

4. ”Hij had een blik kippensoep gekocht bij de Super. Goed gevulde kippensoep stond erop. Toen hij thuis gekomen het blik opende dreven er slechts twee vliedertjes kip in. Het moet van een kip zijn geweest die tienduizend vlieguren had gemaakt. Hij verwarmde de soep, en tijdens het roeren viel hem ook nog op hoe weinig vermicelli erin zat. Het geheel smaakte naar de geur van een plas die men vergeten heeft door te trekken.”

Dit kan ik me nog herinneren. Ik vond het beschamend dat het gerenommeerde merk dat begint met een U en eindigt met een X, er ”Goed gevuld”  op durft te zetten. Ik wilde er een pittig stukje aan wijden maar heb het om onverklaarbare redenen niet gedaan. Nu neemt u er kennis van, maar in een verkorte versie.

Dit waren enkele krabbels, als ik er weer een paar heb laat ik het weten.